Geplaatst door: 
Verhaal

Acht arbeiderswoningen in Stad Vollenhove

Auteur: 
Vincent Erdin

De bouw van acht arbeiderswoningen heeft weinig voeten in de aarde gehad, het voorstel werd door het College van Burgemeester en Wethouders aan de gemeenteraad voorgelegd en die stemde daar vlot mee in. Wat kunnen de redenen hiervan zijn geweest, en wat maakt het verschil dat deze woningen er na honderd jaar nog steeds staan in tegenstelling tot woningen die vijftig jaar later zijn gebouwd en alweer vervangen zijn door nieuwe nieuwbouw? Er kunnen verschillende redenen aan ten grondslag hebben gelegen om deze woningen te gaan bouwen, ik noem er enkele:

Gezondheiscommissie

1: De Gezondheidscommissie in Steenwijk brengt al in september 1909 een positief advies uit om de woningvoorraad voor een deel te saneren en te vervangen door nieuwbouw. De Geszondheidscommissie moet helaas meer dan eens en met pijn in het hart instemmen met het verlengen van de termijn van ontruiming van onbewoonbaar verklaarde woningen. In Stad Vollenhove zijn dat er in ieder geval zes, in de Bisschopstraat, Heilige Geeststeeg, Vischmarkt en Visscherstraat. Dat geeft aan hoe schrijnend de situatie is en dat er dringend behoefte is aan betere woningen. Dat de Gezondheidscommissie accoord gaat met deze noodmaatregel is omdat slapen in een woning met een dak altijd te verkiezen valt boven slapen in de buitenlucht onder de hemel (raadsvergadering 28 juli 1911). De termijn om deze woningen daadwerkelijk te ontruimen was al met vier termijnen van zes maanden verlengd. Eigenlijk was het nog langer laten bewonen van deze onbewoonbaar verklaarde woningen onhaalbaar en onverantwoordelijk. 

Veel steden hebben aan het begin van de twintigste eeuw te maken met verkrotting. Blokzijl was nog heel lang een vestingstad en had daardoor erg weinig ruimte om uit te breiden, ieder huis moest binnen de vesting worden gebouwd. In de vesting van Zoutkamp zijn om die reden in de jaren zestig en zeventig vele tientallen woningen gesloopt. Wie het straatbeeld in Vollenhove goed bekijkt ziet de denkbeeldige gaten die door sloop zijn ontstaan en in de jaren zeventig zijn opgevuld door nieuwe woningen. Veel huisjes die dicht op elkaar staan, benauwd en bedompt zijn voor het grote aantal mensen wat er in moet wonen. Stad Vollenhove was weliswaar geen vesting maar lag aan alle kanten ingesloten door de gemeente Ambt Vollenhove, veel ruimte om te bouwen was er daardoor niet.

Sociale woningbouw

2: De toenemende aandacht voor milieu en hygiëne heeft ook zijn weerslag op sociale woningbouw. Dit vloeit min of meer voort uit het bovenstaande onder 1 maar daarom niet minder belangrijk. De acht arbeiderswoningen was het eerste sociale huurwoningbouwproject in Vollenhove. In Stad Vollenhove waren nog relatief veel eenkamerwoningen: in deze ene ruimte moest het hele gezinsleven plaatsvinden: wonen, eten en slapen. Als er al een zolder was dan was deze niet geschikt voor het maken van slaapplaatsen. 

3: Er was Haags geld beschikbaar. Altijd een belangrijke impuls voor een gemeente om een project te realiseren. Dat Haagse geld was weer een gevolg van de Woningwet die kort daarvoor was aangenomen door het Parlement.

Locatie

In het raadsvoorstel wordt ook een locatie genoemd waar de acht woningen gebouwd zullen gaan worden: Bentstraat, de twee percelen kadastraal gemeente Stad Vollenhove sectie A no 101 en A no 104 zijn eigendom van J. Oldenhof (Ambt Vollenhove). Op no 101 staat een huis, erf en boomgaard, op no 104 gaat het om een huis met erf, dit zijn de percelen geweest van havezathe Westerholt die voor het nieuwbouwproject werd afgebroken. Wat nog herinnert aan de havezathe is de straatnaam Westerholtstraat. De koopprijs van het geheel komt op 9.000 gulden. In 1912 krijgen de woningen een volledige adresaanduiding Bentstraat 231 a tot en met 231 h. De woningen worden uiterst sober maar wel doelmatig gebouwd: er is geen waterleiding, die is sowieso nog vrijwel nergens in gebruik. De waterput blijft in deze jaren dienst doen, al zijn er wel klachten over de kwaliteit van het water. Schuurtjes worden pas in een later stadium aan het bouwplan toegevoegd. De afmeting van een woning: een woonvertrek met een breedte van 3,80 m. en een keuken met een lengte van 2,80 m. ter breedte van 3,80 m. Ook de bedsteden en een kast moeten dan nog een plaats vinden. Op de zolder is wel een dakvenster aangebracht, er kunnen slaapplaatsen gemaakt worden. Elektra is eveneens nog buiten beeld ook dat zal nog enkele jaren op zich laten wachten.

De bouwkosten bedragen 11940,88 gulden. Zetten we de begroting van de gemeente Stad Vollenhove hier tegenover: 25.900 gulden dan is duidelijk dat de gemeente dit plan nooit zelfstandig had kunnen realiseren. Er is vanaf 1882 vrijwel jaarlijks wel een extra tijdelijke kasgeldlening nodig om de begroting sluitend te krijgen. De volgende posten maken deel uit van het totaalbedrag: 10.979 gulden voor de acht woningen, 450 gulden voor de waarde van de grond, 300 gulden voor de opzichter en 211,88 gulden voor verschillende kleine posten. Bij de aanbesteding is hoger ingeschreven dan waar de gemeente op had gerekend: 9.006 gulden begroot en de laagste inschrijving was 10.979 gulden, een aanzienlijk maar overbrugbaar verschil. De Rijksoverheid stelt 11.929 gulden subisidie beschikbaar voor dit bouwplan. Een snelle berekening laat zien dat er een tekort is van 11,88 gulden. Hiervoor stelt het College van Burgemeester en Wethouders een Wijziging van de begroting op die door de gemeenteraad wordt overgenomen en daarmee vraagt de gemeente(raad) impliciet toestemming voor deze begrotingswijziging aan het College van heren Gedeputeerde Staten. Doorgaans een formaliteit. Overigens kan het nog een tikkeltje erger: zelfsvoor een halve cent moest een begrotingswijziging worden opgesteld en aan de gemeenteraad en het College van Gedeputeerde Staten worden voorgelegd. Of zoals iemand eens treffend zei: het zegelrecht is hier duurder dan het bedrag waar het om gaat.

De huur van een woning werd in 1912 vastgesteld op 54 gulden per jaar, in 1913 wordt dat al iets opgetrokken naar 60 gulden per jaar. De ervaring leert dat dit een heel gebruikelijke huur is: 1 gulden per week.

Inkomsten

De huur van een woning moet voor een juist beeld wel worden afgezet tegen de inkomsten van die tijd, er zijn een paar voorbeelden bekend:

Gemeenteveldwachter W. Bos: 525 gulden per jaar, de kantoorhoudster van het hulptelegraafkantoor: 350 gulden, evenals de 1e ambtenaar op het stadhuis, een schoolhoofd kon zelfs 800 gulden per jaar verdienen en de burgemeester van Stad Vollenhove kwam op 600 gulden, omdat hij tevens burgemeester van Ambt Vollenhove was kwam daar nog eens 600 gulden bij. De burgemeester en het hoofd van de school wonen in een ambtswoning. Het hoofd van de school in Baars betaalde 200 gulden huur per jaar voor het wonen in de ambtswoning (Baarsweg 6). De gemeente geneesheer kon op 1000 gulden per jaar rekenen en vrij wonen.

In het voorjaar van 1912 konden belangstellenden zich inschrijven voor een van de acht woningen, er waren twintig inwoners die daarvoor in aanmerking wilden komen. De gemeenteraad neemt een raadsvoorstel aan waarin de huurders bekend worden gemaakt en stelt de voorwaarden voor de verhuur vast.

Huurders

Een paar eerste huurders zijn inmiddels getraceerd: in Bentstraat 231 a wonen: Harm Driezen Dz (arbeider) met vrouw en kinderen, de buren op 231 b zijn Thijmen Jongman (bakschipper) met Anne Konter met 12 kinderen, op 231 c woont Roelof Jongman (visser) met zijn vrouw Zwaantje Jongman, op 231 d woont Simon IJspeert (visser) met vrouw en twee kinderen en zijn schoonvader. De buren op 231 e zijn: Jan Simon Schuurman (visser) en Margareta Jongman met hun 7 kinderen. Op 231 f woont Jurrien Zandbergen (metselaar) met vrouw en twee kinderen. Op 231 g woont Hendrik Jongman Wz (visser) met vrouw en kinderen. Dit gezin komt op 1 april 1912 uit Ambt Vollenhove, op zich is dat opmerkelijk omdat er 20 belangstellenden waren voor de 8 woningen. Kennelijk was de nood van dit gezin zo hoog dat zij zich in Stad Vollenhove konden vestigen. Op de hoek 231 h woont misschien wel het oudste echtpaar van dat moment: Lulof Saat Noordijk met zijn vrouw Vrouwkje Roskam. Op het moment dat zij er komen te wonen zijn ze de 60 al gepasseerd. De tegenstelling lijkt groot te zijn: samen op 231 h of met negen personen op 231 e.

Deze eerste huurders blijven er vrij lang wonen. Pas in november 1930 is er een mutatie te vinden op huisnummer 231 h dan komt Roelof Lasse hzn (arbeider) er met zijn vrouw Aafje Doze wonen en op huisnummer 231 b duurt het zelfs tot juni 1937 voordat de volgende bewoners er hun intrek nemen: Gerrot Dikken (tuinman) en Wilhelmine Dikken.

Veel verder in de tijd kunnen we niet komen, de bevolkingsregisters waar al deze gegevens in zijn teruggevonden zijn openbaar tot 1939.

231 a: is nu huisnummer 14, 231 b is nu huisnummer 16, 231 c is nu huisnummer 18, 231 d is nu huisnummer 20, 231 e is huinummer 22, 231 f is nu huisnummer 24, 231 g is nu huisnummer 26 en 231 h is huisnummer 28.

Deze gezinnen zijn terug te vinden in de bevolkingsregisters van Stad Vollenhove via:

www.gemeentearchiefsteenwijkerland.nl (voorouders: zoeken op naam)

De gemeente is hier de opdrachtgever, kennelijk was er nog geen woningbouwvereniging of stichting die als opdrachtgever kon fungeren, enkele jaren later wordt die wel opgericht: ,,Woningbouwstichting Volkshuisvesting". Niet iedereen was in staat om zelf een woning te bouwen, Vollenhove kende veel (arme) vissers en arbeiders. Zij konden niet anders dan een woning huren, op deze bevolkingslaag is dit bouwproject dan ook in eerste instantie gericht.

Wat opmerkelijk is aan deze woningen: zij staan er nog steeds met als adres Bentstraat 14 tot en met 28. Straatnamen waren in een vroeg stadium al bekend maar de huisnummering is op een later moment aangepast. (Wederom in tegenstelling met Blokzijl waar nog heel lang is gewerkt met de wijkaanduidingen I tot en met V, ook Vollenhove kende een wijkaanduiding Wijk A en Wijk B).

Duurzaam

Wat maakt het dat deze acht arbeiderswoningen die in 1912 zijn opgeleverd er in 2016 nog steeds staan? In de jaren vijftig zijn er verschillende uitbreidingen in Vollenhove gerealiseerd die inmiddels alweer uit het straatbeeld zijn verdwenen: Canneveltstraat, Van Middachtenstraat en De Wheeme. De meeste woningen die in deze straten zijn gebouwd zijn enkele jaren geleden gesloopt en ook al weer grotendeels vervangen door nieuwbouw. Het zou interessant zijn om dat te onderzoeken, vaak zijn er discussies gevoerd over het behoud van woningen die toch bij het straatbeeld zijn gaan behoren. Ver buiten het Land van Vollenhove werd een vergelijkbare discussie in Middelburg gevoerd over de woningen aan het Abdijplein, ze zouden te klein zijn en niet meer van deze tijd. Ook deze woningen waren slechts vijftig jaar oud. De woonfunctie is verdwenen en nu zijn het winkeltjes en een restaurant geworden maar ze zijn in het straatbeeld blijven staan. 

Wetland Wonen in Vollenhove heeft deze acht woningen nog steeds in het woningbestand en heeft de woningen nu ongeveer 40 jaar geleden voor het eerst grondig laten renoveren. In iedere woning is een douche aangebracht en de nog aanwezig bedsteden zijn daarbij weggehaald. Nog niet zo heel lang geleden is er opnieuw grootonderhoud aan de woningen verricht. Nu is er vooral gelet op het wooncomfort en het energieverbruik, door de woningen een energielabel te verlenen wordt kenbaar gemaakt dat Wetland Wonen enerziezuinige woningen een belangrijk uitgangspunt vindt in de bedrijfsvoering.

De woningen die vijftijg jaar later zijn gebouwd aan de Canneveltstraat, Doeveslag en Wheeme waren kwalitatief gezien van een eenvoudiger niveau, bovendien waren ze klein. Dat maakte de afweging: renoveren of vervangen door nieuwe woningen een stuk eenvoudiger. Bij de vervangende nieuwbouw is gelet op levensloopbestendigheid van de woningen of appartementen.

De gemeente Stad Vollenhove had na de bouw van de acht arbeiderswoningen de smaak te pakken. Al snel wordt er een vervolgplan gepresenteerd: de bouw van nog eens zeven arbeiderswoningen. Dat plan verdwijnt in de la. Kort na 1912 begint de onrust in de wereld toch merkbaar te worden. Wereldoorlog I kondigt zich aan. Ook in Vollenhove is dat merkbaar: mobilisatie, schaarste aan produkten waardoor alles duurder wordt en de gemeente moet voortdurend ieder dubbeltje nog eens omkeren alvorens het uit te kunnen geven. Het bouwen van nieuwe woningen in deze periode zou betekenen dat de bouwkosten fors zouden stijgen en een molensteen om de nek van de gemeente zou kunnen worden. Hoogstwaarschijnlijk was er ook geen subsidie meer beschikbaar, Den Haag moest hoe dan ook priortiteiten stellen. En dan valt een klein bouwprojekt in Stad Vollenhove al snel van de haak.

Bijdrage geplaatst: 25 april 2016

Afbeelding: Acht arbeiderswoningen aan de Bentstraat 14 (helemaal rechts) tot 28 (links op de hoek met de Westerholtstraat)

 

Reacties